‘All politics is local’, zo luidt het gezegde.
Alleen de invloed van politiek op de plaatselijke leefwereld van de mens doet ertoe. De laatste maanden begin ik daarover te twijfelen: de ene na de andere motie of resolutie i.v.m. Gaza, Congo, Soedan, Iran vliegt me namelijk om de oren in het Brussels parlement en in de gemeenteraad van Jette. Nu ben ik de laatste om de oprechte verontwaardiging in twijfel te trekken van mensen die vinden dat het leed dat in die gebieden momenteel wordt aangericht onmogelijk te aanvaarden is. Ik zeg bewust mensen omdat dit weergeeft dat we als menselijke wezens empathie hebben en die ook willen en mogen uiten.
Anders ligt het voor politici. Politici zijn ook mensen natuurlijk, gelukkig maar. Maar van verkozenen mag een burger verwachten dat hij of zij meer doet dan enkel zijn verontwaardiging uiten. Wat doe je aan een situatie of wat kan je eraan doen? Mag ik zeggen dat enkel het Belgisch of het Europees parlement de goeie plek zijn om een internationale wantoestand aan te klagen en te veroordelen? Dat lijkt me de evidentie zelve. En dan nog, m.b.t. Iran bijvoorbeeld zijn de oorlogszuchtigen in de USA of Israel, laat staan de dictatuur in Iran niet meteen onder de indruk van missives uit Brussel noch Brussels.
Toch blijven ze aanwaaien, de hartenkreten. Eergisteren in de gemeenteraad van Jette hoorde ik twee argumenten om het wel te doen (i.e. de kostbare tijd van een gemeenteraad voor een heel groot deel aan internationale zaken wijden): wie dit niet doet, heeft geen hart en wie dit niet wil doen, vergeet dat er in het kosmopolitische Brussel ook gemeenschappen zijn voor wie de motie een hart onder de riem is.
Sta me toe hier drie zaken op te antwoorden.
1/ Een hart helpt in de politiek maar is niet voldoende. Morele lessen geven helpt ook niet. Een gemeenteraad, een parlement is een politieke ruimte, bedoeld om maatschappelijke meningsverschillen te laten clashen of aan elkaar te lassen. Het is geen plek waar de ene aan de andere verkozene per se moet tonen dat hij of zij een betere mens is.
2/ Elke deelgemeenschap in een multiculturele stad met een politieke tekst op maat willen behagen is in mijn ogen politiek dienstbetoon van bedenkelijk niveau. Waar stopt die perverse logica dan?
3/ Je bent verkozen om iets te doen op het niveau (gemeente, gewest, staat) waarvoor het bevoegd is en waarvoor het een verschil maakt voor de mensen die er leven, wonen en werken. Concentreer je daarop als raadslid en volksvertegenwoordiger. Dat is wat burgers en kiezers terecht van ons verwachten.
Overigens ben ik van mening dat de federale regering arresten van het Grondwettelijk Hof moet naleven en dat het internationaal recht nog steeds bestaat en altijd zal blijven bestaan.
Sven Gatz