Send in the clowns
Deze week heb ik me kwaad gemaakt in het parlement. Meestal ben ik een rustige mens maar soms wordt het me te veel.
Ik werd samen met de vroegere minister-president en de staatssecretaris voor stedenbouw in de bijzondere commissie metro 3 uitgenodigd om me te verantwoorden over de problematiek van deze metrolijn. De commissie gaat grondig te werk want wij waren present voor de 22e vergadering van hun werkzaamheden. Of ze veel meer zullen ‘vinden’ dan een te lange doorlooptijd, met daaraan gekoppelde budgetstijgingen en onvoorziene tegenslagen in de ondergrond, durf ik te betwijfelen. Maar goed, misschien kunnen er nuttige lessen uit getrokken worden.
U kan deze commissie (en al onze andere activiteiten) bekijken via YouTube.
Ook de eerste metrolijn uit 1976 kwam overigens maar heel moeizaam tot stand, met een voorbereiding van decennia die eraan vooraf ging. Met de nodige tegenslagen en budgetoverschrijdingen. Natuurlijk, eens die metro reed en rijdt is dat allemaal snel vergeten.
De moeilijkste horde om te nemen is dat men van planning tot uitvoering 20 tot 30 jaar moet tellen. Dat betekent dat er 4 tot 6 regeringen overgaan. En die zijn niet allemaal hetzelfde samengesteld. Soms zitten er hevige voorstanders van de metro in en soms is het net omgekeerd. Dan wordt er geremd en bijgestuurd. Niet echt bevorderlijk voor de ambitie van een groot en noodzakelijk project voor de mobiliteit in ons gewest. En ronduit negatief voor de geloofwaardigheid van de bestuurskracht van Brussel.
Ik heb de commissieleden o.m. uitgelegd dat ik als minister van financiën geprobeerd heb om de federale financiering vanuit Beliris op te krikken. De helft van de reizigers zijn pendelaars, het is dus normaal dat België, Vlaanderen en Wallonië een stuk meebetalen. Ik heb ook meegegeven dat ik samen met de Europese Commissie naar heel concrete oplossingen gezocht heb om deel 2 van de nieuwe metrolijn te laten financieren door een privé conglomeraat. Dat gebeurt in andere steden in de EU ook en laat toe dat men de afbetaling door de overheid over 30 jaar of meer spreidt. Dat houdt steek want een metro gaat gemakkelijk 100 jaar mee, weten we.
Maar dat was allemaal boter aan de galg voor een nijver parlementslid van de Parti du Travail de Belgique (de PTB-PVDA dus) die ons regelrecht corruptie verweet en nog andere vuile dingen. Ik had u al verteld dat ik niet van fascisten hou, zeker. Wel, ik verafschuw op dezelfde manier deze communisten. Beide hanteren dezelfde techniek: ‘mentez, mentez, mentez, il en restera toujours quelque chose’. Mensen opjutten en misleiden is hun specialiteit. En hun enige doel. Oplossingen interesseren hen niet.
Zeg nu zelf, als je iemand van corruptie beschuldigt zijn dat een zeer zware woorden. Ofwel bewijs je die dan ofwel leg je klacht neer bij de Procureur. Je gooit dat niet zomaar in het rond alsof je met een frisbee in het park speelt.
Ik heb de snoodaard mijn gedacht gezegd.
‘Ceci n’est pas un cirque. Je ne suis pas un clown. Mais vous en êtes un.’
Zelf ben ik verre van volmaakt, menselijk noch politiek, maar de democratie verdient beter dan de hansworsten van extreem-links en extreem-rechts.
Sven Gatz