Tijdens de plenaire vergadering heeft parlementslid Imane Belguenani (Open Vld Brussel) opnieuw vragen gesteld over het tekort aan kinderopvang in onze hoofdstad. Haar tussenkomst volgde op een vraag om uitleg over het crèche-aanbod van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, een dossier dat de voorbije maanden acuut werd door de sluiting van crèche Kiekeboe en de alarmerende cijfers van het Brussels Studies Institute.
Open Vld Brussel benadrukte dat te veel Brusselse ouders vandaag geen perspectief hebben op een betaalbare en bereikbare opvangplaats. De officiële dekkingsgraad van de Nederlandstalige kinderopvang blijft steken op 51%, terwijl de inkomensgerelateerde opvang, vaak de enige betaalbare optie, amper 39% haalt. “Het gevolg is voorspelbaar,” stelde parlementslid Belguenani. “Brusselse ouders staan op wachtlijsten of moeten zich behelpen met tijdelijke noodoplossingen die vaak niet bestaan.”
Daarnaast wees ze op het structurele personeelstekort dat de sector steeds zwaarder treft. Voor de zomer waren er zo’n 185 openstaande vacatures en nog eens 190 medewerkers langdurig afwezig. Die onderbezetting leidt tot het sluiten van leefgroepen, beperkte openingsuren en in sommige gevallen zelfs volledige sluitingen. “Kiekeboe was helaas geen alleenstaand geval,” aldus Imane. “De minister gaf zelf al aan dat dit wellicht niet de laatste sluiting zou zijn.”
Ook opvang op atypische uren, cruciaal in een grootstad waar vele mensen werken in zorg, horeca of schoonmaak, blijft ontoereikend. Brussel beschikt vandaag over slechts 350 plaatsen met verruimde openingsmomenten en amper 36 plaatsen voor dringende opvang. “Dat is compleet disproportioneel voor een stad met meer dan een miljoen inwoners,” stelde ze.
Imane vroeg daarnaast verduidelijking over het GESCO-project van Actiris, dat gesubsidieerde tewerkstelling in Nederlandstalige en Franstalige opvanginitiatieven ondersteunt. Ze vroeg hoeveel mensen via dit project effectief instromen in duurzame jobs, wat de concrete impact is op het personeelstekort en hoe de minister de meerwaarde van dit instrument beoordeelt.
Ten slotte kwam ze terug op de vernietiging van de Vlaamse voorrangsregels door het Grondwettelijk Hof, een beslissing met bijzonder grote impact in Brussel. Ouders met onregelmatige werkuren of gezinnen in kwetsbare situaties dreigen hierdoor nog moeilijker een plek te vinden. Imane vroeg welke stappen ondertussen zijn gezet richting een nieuw kader, hoe tijdelijke maatregelen eruitzien en op welke manier de impact in Brussel wordt opgevolgd.
“Dit dossier raakt aan de kern van onze grootstedelijke uitdagingen,” besloot Imane Belguenani. “Betaalbare en toegankelijke kinderopvang is geen luxe maar een basisvoorwaarde voor gelijke kansen, voor welzijn en voor economische zelfstandigheid. Ouders hebben stabiliteit nodig, geen onzekerheid. De VGC en de Brusselse regering moeten dringend zorgen voor antwoorden.”