“Enkel het OCMW van Brussel-Stad, Jette en Schaarbeek hebben proefprojecten opgezet om zelfstandigen te helpen tijdens en na COVID” stelt Imane Belguenani, Brussels parlementslid voor Anders. “Er beweegt dus wel wat bij de OCMW’s. Eindelijk. Een harmonisatie van de sociale hulp van de OCMW binnen Brussel blijft evenwel nodig” is de conclusie van Imane Belguenani naar aanleiding van een mondelinge vraag (22 mei 2025) en een schriftelijke opvolgingsvraag (21 januari 2026). “De verwijzing naar de harmonisering van het OCMW’ beleid in Brussel in het recente Brusselse Regeerakkoord is een reuze stap vooruit. Eindelijk”.
Brussel telt gemiddeld meer zelfstandige starters (15% van de zelfstandigen) dan elders. Wat logisch is in een stad die een sociale ladder wil zijn. “Job yourself is er hier een weg naar emancipatie. Vaak is het ook een short cut uit de werkloosheid”. Als zelfstandige neem je een risico, maar je hebt ook, wat de OCMW-wet (artikel 1) noemt “recht op maatschappelijke dienstverlening”. “We kregen vaak berichten van zelfstandigen, maar ook van OCMW-raadsleden, dat je als zelfstandige bij het OCMW eerst je activiteit moest stopzetten om hulp te krijgen. Dit lijkt voorbij, al moeten we eerlijk zijn, niemand weet het echt. De GGC, noch de federatie van OCMW’s, noch de OCMW’s zelf houden data bij over hulp aan zelfstandigen”. Minister Maron greep niet in.
Uit de antwoorden op beide vragen over het aantal zelfstandigen die door OCMW’s in Brussel werden geholpen kreeg mevrouw Belguenani amper cijfers van alles samen drie van de 19 OCMW’s. Vaak vertrekt de hulp vanuit schuldbemiddeling, of gaat het om algemene campagnes rond sensibilisering over non recours aux droits/ het niet-gebruiken van rechten. Data over het aantal zelfstandigen die bij de 19 OCMW’s aankloppen, die steun bij energiefacturen ontvangen of die tijdelijk een aanvullend leefloon krijgen, ontbreken gewoon.
Harmonisatie van het OCMW-beleid
Dit is niet gerustellend. Hetzelfde gebeurt met de tussenkomst in energie- of waterfacturen, de naleving van de beschikbaarheid op de arbeidsmarkt (GPMI), de berekening het leefloon i.f.v. de leervergoeding bij Duaal Leren, tussenkomst in tandprotheses, … en nu dus ook hulp aan zelfstandigen. Elk OCMW doet maar wat. Uittredend minister Maron voelde zich niet bevoegd. Het nieuw regeerakkoord maakt komaf mert die uitvluchten: er wordt gestreefd naar een harmonisatie van de werking de OCMW’s. “Dit is ook normaal: zo komt er een gelijke behandeling over heel Brussel voor wie hulp echt nodig heeft” aldus Imane Belguenani.
Lees hieronder de gestelde vragen en verkregen antwoorden op basis waarvan Imane Belguenani en Anders. Brussel oproepen tot actie
Schriftelijke vraag van Imane Belguenani aan Elke Van Den Brandt en Alain Maron mbt de hulp aan zelfstandigen door Brusselse OCMW’s.
In mei 2025 nodigde minister Alain Maron me, naar aanleiding van een mondelinge vraag over de hulp die OCMW’s kunnen geven aan zelfstandigen (22 mei 2025, Commissie Gezondheid en Bijstand aan Personen), uit om verdere vragen schriftelijk te stellen. De minister liet me weten dat de GGC geen overzicht heeft van welke hulp OCMW’s geven aan zelfstandigen, en dat de OCMW’s die informatie niet doorgeven. Maar de minister gaf wel twee voorbeelden van OCMW’s, Jette en Stad Brussel, die wel een gerichte dienstverlening hebben voor zelfstandigen die volgens de OCMW-wet recht hebben op ondersteuning vanuit het OCMW.
- Kan u mij de evolutie van de hulp aan zelfstandigen door het OCMW van Jette en van de Stad Brussel bezorgen?
- Zijn er ondertussen nog andere OCMW’s die dergelijke cellen hebben opgericht?
- Heeft u zicht op welke hulp het gaat: bijpassen bij elektriciteits- en waterfacturen, facturen voor schoolkosten van kinderen, …? Werd er eventueel een leefloon of gedeeltelijk leefloon toegekend?
- Hebben beide OCMW’s ook cijfers over of deze zelfstandigen die werden geholpen hun zelfstandige activiteit hebben kunnen doorzetten of hervatten?
- De GGC heeft 195.000 euro ter beschikking gesteld van de Federatie van Brusselse OCMW’s voor de harmonisatie van het sociaal beleid van de 19 gemeenten. Een werkgroep buigt zich over de begeleiding van zelfstandigen, heeft u aangegeven. Kan u mij aangeven welke maatregelen inmiddels werden gestroomlijnd tussen de 19 gemeenten in de steun aan zelfstandigen? Is hier een instructie vanuit de GGC aan de OCMW’s uit voortgekomen?
- Heeft u inmiddels gevraagd aan de GGC om informatie over het aantal zelfstandigen dat door hen werd geholpen bij te houden, alsook het type hulp dat wordt toegekend? Desgevallend ook de problemen die OCMW’s ondervinden bij het helpen van zelfstandigen?
U heeft terecht aangegeven dat “het zelfstandigenstatuut situaties van ernstige sociaal-economische moeilijkheden, of die nu tijdelijk zijn of structureel, niet mag maskeren”. In een stad waar er een hoog aantal kleine zelfstandigen is, en waar we ondernemerschap aanmoedigen, moeten we ook hen een menswaardig vangnet of last resort kunnen aanbieden. Kennis hierover vanuit GGC is essentieel.
- Is er een taskforce of cel binnen de GGC die zich hierop voorbereidt en OCMW’s hierin aanstuurt?
Imane Belguenani
1 december 2025
Hieronder vindt u het antwoord op uw bovenvermelde vraag.
Antwoord
VRAAG 1
Het OCMW van Brussel-Stad heeft, net als de 18 andere Brusselse OCMW’s, uitzonderlijke subsidies ontvangen in het kader van de maatregelen in verband met de COVID-19-gezondheidscrisis en de steun die werd verleend in het licht van de verschillende opeenvolgende crisissen in de periode 2020-2024.
Overeenkomstig hun intern beleid en hun werkingsmodaliteiten moesten de OCMW’s specifieke projecten ontwikkelen die werden geformaliseerd door overeenkomsten met de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.
In dat overeenkomstenkader werd het OCMW van Brussel-Stad ondersteund bij de oprichting van een specifieke cel voor zelfstandigen in moeilijkheden, met als doel actieve personen met een statuut van sociale onderbescherming te begeleiden.
De toegekende bedragen bedroegen 164.375 euro in 2024, 100.000 euro in 2023, 100.000 euro in 2022 en ongeveer 100.000 euro voor de periode 2020-2021.
In 2024 telde de cel voor zelfstandigen 346 actieve dossiers, waarvan er 167 voor het einde van het jaar werden afgesloten, waardoor het aantal nog actieve dossiers op 31 december 2024 op 179 kwam. In de loop van het jaar werden 185 nieuwe aanvragen geregistreerd. Van de dossiers die aan het einde van het jaar actief waren, hadden er 100 betrekking op zelfstandigen die nog steeds actief waren.
Opgemerkt moet worden dat het onderwerp van de opvolging tijdens de begeleiding kan veranderen: een dossier dat aanvankelijk door de cel voor zelfstandigen wordt behandeld, kan worden doorverwezen naar de schuldbemiddelingsdienst of de energiedienst, en omgekeerd. Die ontwikkelingen verklaren de verschillen tussen de dossiers die in de loop van het jaar zijn geopend, de actieve dossiers aan het begin en het einde van het jaar, en de afgesloten dossiers.
In hetzelfde kader heeft het OCMW van Jette in 2023 een financiering van 61.710,76 euro en in 2022 een financiering van 71.550 euro ontvangen, met als doel de Pool Opleiding-Werk in samenwerking met de schuldbemiddelingsdienst te versterken, om zelfstandigen en werknemers die door de crisis waren getroffen, te begeleiden. Die begeleiding omvatte met name eerste hulp op sociaal gebied, psychosociale opvolging, het uitstippelen van een professioneel project, ondersteuning van het project ‘Jobcoaching’ en het opzetten van gerichte communicatie voor zelfstandigen (tijdelijke werkloosheid, overbruggingsrecht, enz.).
Voor het jaar 2024 was een bedrag van 68.886,70 euro voorzien in de overeenkomst tussen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en het OCMW van Jette. Dat budget was bedoeld om de Pool Opleiding-Werk verder te versterken, in samenwerking met de schuldbemiddelingsdienst, om zelfstandigen en werknemers die door de crisis waren getroffen, te begeleiden.
Na controle van de projecten voor het jaar 2024 blijkt echter dat het OCMW van Jette niet in staat is geweest om dat specifieke project uit te werken in het kader van de overeenkomst die met de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie is gesloten. De beschikbare middelen werden geheroriënteerd naar de versterking van de eerstelijns sociale diensten, naar de schuldbemiddelingsdienst en naar acties om het niet-gebruik van rechten tegen te gaan, voor alle doelgroepen samen.
Hoewel deze twee OCMW’s zijn aangemerkt als initiatiefnemers van specifieke initiatieven voor zelfstandigen, moet worden benadrukt dat alle OCMW’s met deze doelgroep te maken hebben, ook vóór de COVID-19-crisis. Hoewel de meeste OCMW’s geen specifieke cellen hebben opgericht, hebben ze wel hun eerstelijnsdiensten versterkt, de onthaalinfrastructuur verbeterd, hun communicatiemiddelen ontwikkeld en hun schuldbemiddelings- en energiediensten uitgebreid, met name om het niet-gebruik van rechten tegen te gaan en een aangepaste opvang en begeleiding voor alle aanvragers te garanderen.
VRAAG 2
Tot op heden heeft geen enkel ander OCMW een specifieke cel opgericht in het kader van de uitzonderlijke financiering die door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie is toegekend.
Hoewel het geen specifieke cel voor zelfstandigen betreft, heeft het OCMW van Schaarbeek in 2024 de begeleiding van zogenaamde ‘specifieke’ doelgroepen versterkt die bijzonder kwetsbaar zijn voor het niet-gebruik van hun rechten, waaronder met name handelaars, zelfstandigen en ondernemers in moeilijkheden. Het jaar 2024 was voor dat OCMW een proefperiode om de specifieke behoeften van die doelgroepen in kaart te brengen en een passende interventiestrategie te bepalen.
Het OCMW van Schaarbeek heeft gekozen voor een geleidelijke aanpak, waarbij een observatiefase wordt gecombineerd met concrete acties. Het bleek dat het wegnemen van bepaalde belangrijke administratieve belemmeringen – zoals fiscale of sociale schulden, het ontbreken van een ziektekostenverzekering, niet-afgewikkelde faillissementen of onzekere juridische situaties – een noodzakelijke voorwaarde was voor elk integratietraject, waardoor in de meeste gevallen een onmiddellijke inzet van de integratiedienst niet gepast was.
De begeleiding van dat OCMW werd dan ook voornamelijk verzorgd door de schuldbemiddelingsdiensten, waarvan de tussenkomst van doorslaggevend belang bleek te zijn, zowel bij de behandeling van individuele situaties als bij het opstellen van een transversale analyse die nuttig was voor de toekomstige sturing van het systeem. De eerste bevindingen wijzen op een doelgroep die vaak naar het OCMW komt na een faillissement, zonder steun of vangnet, geconfronteerd met hoge en meervoudige schulden, en gekenmerkt door sociaal isolement en een verlies van vertrouwen in de instellingen.
Om deze aanpak te versterken, wordt momenteel een opleidingsproject voor eerstelijns maatschappelijk werkers voorbereid. Dat project heeft tot doel de identificatie van trajecten van kwetsbare zelfstandigen te verbeteren, teams te voorzien van hulpmiddelen voor het onthaal en de doorverwijzing naar de juiste voorzieningen, en een gemeenschappelijk methodologisch kader te ontwikkelen met het oog op de uiteindelijke invoering van integratietrajecten die zijn afgestemd op deze profielen.
De verkennende werkzaamheden die in 2024 werden uitgevoerd, vormen zo een basis voor de uitwerking van een begeleidingsstrategie op langere termijn, waarbij sociale stabilisatie, toegang tot rechten en beroepsomscholing binnen het OCMW van Schaarbeek worden gecombineerd.
VRAAG 3
Voor het OCMW van Brussel-Stad werd op basis van een steekproef van 339 dossiers, met een variabel informatieniveau, vastgesteld dat de meerderheid van de begunstigden zelfstandigen waren die in vennootschapsvorm werkzaam waren. De verdeling is als volgt: 90 zelfstandigen als natuurlijke persoon, 34 actieve vennoten, 138 zelfstandigen als vennootschap, terwijl 77 dossiers onder de categorie ‘onbekend’ vallen.
Die laatste categorie betreft personen die een aanvraag hebben ingediend of door andere diensten zijn doorverwezen, maar die zich niet bij de maatschappelijk werker hebben gemeld. De moeilijkheden die bij deze doelgroep worden waargenomen, zijn vergelijkbaar met de moeilijkheden die worden ondervonden bij andere begeleidingsmechanismen van het OCMW en de schuldbemiddelingsdienst. Het gaat voornamelijk om mensen in een precaire en kwetsbare situatie, die soms een zelfstandige activiteit uitoefenen zonder de implicaties daarvan volledig te begrijpen, of die onmiddellijke hulp vragen in een noodsituatie, zonder dat er verdere begeleiding volgt zodra die noodsituatie is opgelost.
Op 31 december 2024 hadden 100 van de 179 actieve dossiers betrekking op personen die nog steeds als zelfstandige werkzaam waren. Daarvan ontvingen 40 personen baremieke steun (leefloon of equivalent leefloon) bij een dienst van het OCMW of hadden zij een gezinslid dat dit soort steun ontving.
VRAAG 4
Deze gegevens zijn niet beschikbaar.
VRAAG 5
De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie kent jaarlijks 195.000 euro toe aan de Federatie van OCMW’s om onder meer de werkzaamheden voor de harmonisatie van het sociale beleid van de OCMW’s te ondersteunen.
In het kader van dat harmonisatieproces ondersteunt de administratie de Federatie van OCMW’s tijdens tweemaandelijkse vergaderingen waar een voortdurende stand van zaken en prioriteiten worden besproken en gezamenlijk worden vastgesteld. In dat kader zijn door de Federatie van OCMW’s verschillende werkgroepen opgericht.
Specifiek over dit onderwerp heeft de werkgroep ‘socioprofessionele inschakeling’ zich vanaf juni 2021 gebogen over de kwestie van zelfstandigen als opkomende doelgroep binnen de OCMW’s. Daartoe werden maandelijkse vergaderingen georganiseerd met maatschappelijk werkers van de 19 Brusselse OCMW’s om de praktijken te coördineren en de expertise van de OCMW’s op dit gebied te ontwikkelen.
In dit kader werden verschillende synthesenota’s opgesteld voor de Brusselse OCMW’s, met name over:
· de subsidie van het relance- en herontwikkelingsplan van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 7 juli 2020 ter bestrijding van de COVID-19-crisis;
· de versterking van de in artikel 60, §7, bedoelde maatregel van de inschakelingsbetrekking, in het bijzonder voor Brusselse ondernemers die het slachtoffer zijn van een faillissement;
· de mogelijkheid voor een persoon die een leefloon ontvangt om een ‘aanvullende’ zelfstandige activiteit op te starten met behoud van zijn leefloon;
· de promotie van de brochure “Wegwijs voor zelfstandigen en het OCMW” die de POD Maatschappelijke Integratie in 2020 heeft gepubliceerd;
· andere verwante thema’s.
Deze commissie vormt een platform voor uitwisseling en reflectie over deze thema’s, met als doel de OCMW’s te ondersteunen bij een betere inachtneming van deze uitdagingen in de dagelijkse algemene sociale bijstand.
VRAAG 6
Er zijn geen aanvragen ingediend bij de administratie.
VRAAG 7
Er bestaat binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie geen taskforce of cel die zich specifiek met deze problematiek bezighoudt.
Deze thema’s worden behandeld en opgevolgd op het niveau van de Federatie van de OCMW’s, in het kader van de financiering die wordt toegekend door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.
MONDELINGE VRAAG VAN MEVROUW IMANE BELGUENANI aan mevrouw Elke Van den Brandt en de heer Alain Maron, leden van het Verenigd College, bevoegd voor Welzijn en Gezondheid, betreffende de hulp aan zelfstandigen door Brusselse OCMW’s. (Commissie Gezondheid en Bijstand aan personen 22 mei 2025)
Mevrouw Imane Belguenani (Open Vld).- Tijdens de hoorzittingen in de commissie voor de Economische Zaken en de Tewerkstelling over het aantal faillissementen benadrukte Sébastien Hamende, directeur van het programma Revival van de Pulse Foundation, dat 4.814 loontrekkenden in 2024 in Brussel hun baan verloren bij faillissementen en dat er voor elk faillissement ook een zelfstandige ondernemer is die in de problemen komt. Revival biedt een tweede kans aan ondernemers, zodat die opnieuw als ondernemer kunnen starten. Daarnaast helpt de organisatie zelfstandige ondernemers met de administratieve procedures die nodig zijn om hun sociale rechten te laten gelden, wat voor zelfstandigen bijzonder moeilijk is.
Tijdens de coronacrisis stelde toenmalig parlementslid Khadija Zamouri reeds een vraag over de ondersteuning van OCMW- personeel bij het correct beantwoorden van vragen van zelfstandigen. De Programmatorische Federale Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie stelde destijds een handleiding op, maar desondanks eist het OCMW-personeel vandaag nog steeds vaak van zelfstandigen dat ze bewijzen dat ze hun zelfstandig statuut hebben opgegeven, als voorwaarde om in aanmerking te komen voor hulp zoals een leefloon of een tegemoetkoming in de facturen. Nochtans staan dergelijke voorwaarden noch in de OCMW-wet van 1976, noch in de wet op het leefloon. Die wetten sluiten zelfstandigen dus nergens uit van gerichte hulp.
Mevrouw Trachte antwoordde toen dat de dienst 1819 opleidingen had georganiseerd voor OCMW-personeel om dossiers van zelfstandigen beter te beheren. Voor individuele begeleiding zou vooral het Centrum voor Ondernemingen in Moeilijkheden (CED Relance) verantwoordelijk zijn.
Vandaag hebben veel zelfstandige ondernemers het opnieuw moeilijk. Daarom richt ik me tot u, aangezien u bevoegd bent voor de OCMW’s en omdat er een duidelijke vraag is naar een gewestelijke coördinatie van het OCMW-beleid in Brussel.
Wat ondernam u de voorbije jaren om de negentien OCMW’s te ondersteunen bij de behandeling van steunaanvragen van zelfstandige ondernemers in moeilijkheden?
Is er een plan of handleiding, of zijn er vormingen voor de
OCMW’s en hun personeel? Werkt u samen met externen, zoals de Pulse Foundation, werkgeversorganisaties, de Union des classes moyennes of de Unie van Zelfstandige Ondernemers om de OCMW’s te helpen bij de behandeling van dergelijke dossiers?
Hielden uw diensten cijfers bij over het aantal zelfstandigen dat de afgelopen jaren door de Brusselse OCMW’s werd geholpen? Welke hulp hebben zij ontvangen? Hoelang hebben ze die hulp ontvangen? Hoeveel zelfstandigen konden een doorstart maken als zelfstandige? Hoeveel van hen gingen over naar een statuut als loontrekkende?
Houdt u die gegevens bij? Beschikken de negentien OCMW’s over dergelijke gegevens? Delen ze de cijfers met de diensten van de GGC? Zo ja, wat gebeurt ermee? Het zou goed zijn als we die gegevens zouden kunnen inzien om een beter zicht te krijgen op de realiteit.
Klopt het dat veel OCMW’s het stopzetten van de zelfstandige activiteit en het opgeven van het zelfstandigenstatuut als voorwaarde stellen om hulp te kunnen bieden?
De heer Alain Maron, lid van het Verenigd College.- Het zelfstandigenstatuut mag situaties van ernstige sociaaleconomische moeilijkheden, of die nu tijdelijk of structureel zijn, niet maskeren.
Hoewel de GGC geen specifieke maatregelen heeft voor zelfstandigen in moeilijkheden, heeft ze in het kader van de uitzonderlijke subsidies overeenkomsten gesloten tussen elk OCMW en het Verenigd College.
Vooral tijdens de energiecrisis zagen de OCMW’s een sterke toename van hun budgetten voor hulp aan een grote verscheidenheid aan groepen, waaronder ook nieuwe, zoals de zelfstandigen.
Voor de jaren 2020 en 2021 hebben alle Brusselse OCMW’s in totaal een aanvullende subsidie van 30 miljoen euro ontvangen. Van dat bedrag was 18 miljoen euro bestemd voor specifieke projecten. Daarvan werd 5.726.962 euro door de OCMW’s gebruikt voor hulp aan begunstigden die hun recht op maatschappelijke integratie niet kennen of niet doen gelden.
In alle gemeenten werden bewustmakingscampagnes georganiseerd. Verschillende OCMW’s beslisten gerichte communicatiecampagnes te voeren voor zelfstandigen, terwijl andere kozen voor algemene campagnes.
Sommige OCMW’s die deze behoefte hebben geïdentificeerd, richtten gespecialiseerde interne eenheden op of leidden eerstelijnswerkers op over de specifieke behoeften en
administratieve kenmerken van deze groep. Ik geef daar twee voorbeelden van.
Het OCMW van Brussel-Stad heeft financiële steun gekregen voor de oprichting van een specifieke eenheid voor zelfstandigen in moeilijkheden, bedoeld om werkenden in een situatie van sociale onderbescherming te ondersteunen. Die financiering bedroeg 100.000 euro per jaar van 2021 tot 2023 en 164.375 euro in 2024. De eenheid begeleidde 172 mensen in 2024.
Het OCMW van Jette kreeg 68.886 euro aan financiële steun om begeleiding te bieden aan zelfstandigen en werknemers die getroffen zijn door de crisis, door de samenwerking tussen de tewerkstellingspool en schuldbemiddeling te ondersteunen.
Bovendien stelt de GGC 195.000 euro per jaar ter beschikking van de Federatie van Brusselse OCMW’s om de OCMW’s te ondersteunen bij de harmonisatie van hun sociaal beleid. In het kader van die harmonisatie buigt een van de werkgroepen met de naam ‘socioprofessionele inschakeling’ zich sinds juni 2021 over het specifieke onderwerp van zelfstandigen als nieuwe doelgroep bij de OCMW’s. Maandelijkse vergaderingen resulteerden in een reeks synthesenota’s die essentieel zijn voor de begeleiding van zelfstandigen in spe. Er zijn ook contacten gelegd en versterkt met het Riziv.
We hebben geen gegevens over het aantal zelfstandigen dat door de Brusselse OCMW’s wordt begeleid.
De steun die zelfstandigen ontvangen, kan de vorm aannemen van een aanvullend leefloon na berekening van het inkomen uit de zelfstandige activiteit. Andere mogelijkheden zijn het overnemen van huur- of energieschulden, voedselhulp, hulp bij schuldbeheer, toegang tot essentiële gezondheidszorg of een medische kaart, maar ook hulp in de zoektocht naar een baan na het stoppen als zelfstandige of als het inkomen ontoereikend is.
Professionele schulden worden daarentegen niet overgenomen.
De GGC heeft geen informatie ontvangen over de voorwaarde van de OCMW’s om het statuut van zelfstandige op te geven.
Mevrouw Imane Belguenani (Open Vld).- U gaf aan dat er in Brussel-Stad en in Jette een specifieke eenheid is opgericht. U gaf cijfers voor 2024, maar ik mis het bredere beeld. Zijn die cijfers bijvoorbeeld gestegen ten opzichte van het jaar ervoor of werd de cel pas opgericht in 2024? Wat is er gebeurd met de mensen die geholpen werden? Krijgen die nog altijd steun, hebben ze ondertussen een job als loontrekkende gevonden of zijn ze opnieuw als zelfstandige aan de slag?
Ik had nog een aantal andere cijfers gevraagd, maar die kon u mij niet geven. Het lijkt me belangrijk dat alle cijfers waarover de OCMW’s beschikken gecentraliseerd worden bij de GGC, zodat we een breder en accurater beeld van de realiteit hebben.
Een paar maanden geleden sloeg de Franstalige ondernemingsrechtbank alarm. Als de trend van faillissementen zich voortzet, zullen de cijfers dramatisch worden. We zullen later niet kunnen zeggen dat we niet gewaarschuwd waren. Het lijkt mij dus belangrijk om de huidige structuren te versterken en om de goede praktijken binnen Brussel-Stad en Jette kenbaar te maken bij de andere gemeenten. Tot slot moedig ik de OCMW’s aan om met externe partners te werken als zijzelf de expertise niet hebben.
De heer Alain Maron, lid van het Verenigd College.- Ik heb de gevraagde cijfers niet bij de hand, maar u kunt altijd een schriftelijke vraag indienen.
– Het incident is gesloten.